Zwerfkeien op Wieringen(tekst gebaseerd op het artikel "KORALEN VAN HET WAD - Een tropische verrassing in Hollandse bodem" in Mens & Wetenschap 5, 1997 door Bert de Vries, conservator van Het Huis van de Aarde) Zwerfstenen, in het noorden van Noord-Holland vind je ze overal: op de akkers, in tuinen, in paadjes bij boerderijen, en zelfs op de waddenkust van Wieringen. Ook op de bodem van de Waddenzee en de aangrenzende Noordzee liggen uitgestrekte stenenvelden. Op Wieringen werden zwerfstenen vroeger op allerlei manieren gebruikt. In de visserij bijvoorbeeld als netverzwaarder. Er werd dan een aantal groeven in de steen geslepen waar touwen doorheen konden lopen die aan het net konden worden gebonden. Ook werden grotere zwerfstenen gebruikt als scharniersteen voor de grote boerderijdeuren, of als markering van landeigendom. Deze grensstenen worden op Wieringen 'dolven' genoemd. Zelfs de folklore van Wieringen is beïnvloed door zwerfstenen. Van de grote staande steen op Westerklief wordt verteld dat hij zich omdraait als de klok slaat en het hondje blaft. En menigeen vond zijn lief - bij de steen van Westerklief... Voorlaatste ijstijd Al deze zwerfstenen werden tijdens de voorlaatste ijstijd, het zogenoemde Saalien, zo'n honderdvijftigduizend jaar geleden, door gletsjers uit Scandinavië naar Nederland getransporteerd. Tijdens het hoogtepunt van deze ijstijd lag er een bijna 3 kilometer (!) dikke ijskap in Noordwest-Europa. Door de druk van deze enorme ijsmassa kreeg het ijs plastische eigenschappen en begon te stromen. Via het Oostzeebekken bewoog het ijs zich in eerste instantie in een zuidwestelijke richting. Hierbij schuurde het over de bodem en aan de onderkant van de gletsjers ontstond de kenmerkende keileem: een mengsel van klei, zand, grind en grover gesteentemateriaal, dat als een compacte afzetting in grote delen van Noord-Nederland aanwezig is. Tijdens een van de vroege fasen van de landijsbedekking van Nederland lag de grens van de Scandinavische gletsjers in een gordel die zich uitstrekte van Texel, over Wieringen, Gaasterland, Steenwijk en Hoogeveen tot aan Coevorden. Het ijs smolt af en toe iets af, maar rukte daarna weer op en stuwde de onderliggende afzettingen (inclusief de afgezette keileem> als een reusachtige bulldozer op. Langs deze gordel vinden we deze zogenaamde stuwwallen nog duidelijk in het landschap terug, zeker op Wieringen. Daarna werden deze stuwwallen door het ijs overreden' en kwam de grens van het landijs uiteindelijk in Midden-Nederland te liggen, waar opnieuw stuwwallen werden gevormd. Deze stuwwallen bestaan evenwel niet uit gestuwde keileem, maar uit zandafzettingen van de grote rivieren die hier in delta's zijn afgezet voordat het landijs ons land bereikte. De stuwwal van de Utrechtse heuvelrug bij voorbeeld is weliswaar ontstaan door de werking van het ijs, maar is geen afzetting van de gletsjers zelf.
ZwerfsteenfossielenDe door het landijs meegebrachte zwerfstenen bestaan voor een deel uit stollingsgesteenten zoals granieten en dergelijke. Dit zijn gesteenten die zijn ontstaan door stolling van vloeibare magma. Voor een deel zijn het afzettingsgesteenten: gesteenten die zijn ontstaan uit klei, zand of grind of een mengsel ervan en die later, onder invloed van onder meer de druk van gesteenten die er bovenop zijn afgezet, tot hard gesteente zijn gevormd. Hierin kunnen ook fossielen worden aangetroffen. In gebieden waar kalkhoudende keileem voorkomt, kunnen we kalkstenen vinden met daarin de resten van lang uitgestorven in zee levende organismen.De waddenkust van Wieringen bevat hier en daar kalkhoudende keileem met dergelijke kalkzwerfstenen. De zee spoelt de klei en het zand uit de keileem, terwijl het grovere materiaal achterblijft. De meeste kalkzwerfstenen zijn afkomstig uit het Oostzeegebied. Gedurende de geologische perioden Ordovicium en Siluur, ongeveer 510 tot 420 miljoen jaar geleden, lag er ter hoogte van de huidige Oostzee en de aangrenzende Baltische republieken een ondiepe zee. Hierin leefden toen allerlei tropische organismen, waarvan de koralen wel de meest opvallende vertegenwoordigers zijn. Koralen
Continenten op driftTropische koralen op het Hollandse wad..., ook al gaat het dan om fossielen uit Scandinavië: het is een opmerkelijk verhaal, dat echter nog niet compleet is. Want de vraag die hierop volgt is: hoe is het mogelijk dat uit het Oostzeegebied fossielen van tropische organismen komen? Het antwoord op deze vraag is pas enkele decennia bekend en heeft te maken met bewegingen van de aardkorst.De verdeling tussen land en zee is niet altijd hetzelfde geweest. Honderden miljoenen jaren geleden bestond er nog één groot continent, Pangea genoemd waar het huidige Noordwest-Europa toen ook deel van uitmaakte en bevond zich lange tijd in de tropische zone. Later is dit oercontinent door vulkanische activiteit opgebroken in diverse stukken, ook wel platen of schollen genoemd, die zich langzaam over de aardbol zijn gaan verplaatsen. Deze platen liggen nog steeds niet niet vast en ze bewegen ten opzichte van elkaar. De verplaatsing van de continenten in de loop der tijd is de verklaring van het voorkomen van tropische fossielen in het Oostzeegebied. Gedurende het Siluur lag het Baltisch Schild, dat deel van de aardkorst dat Scandinavië en Finland omvat, nog ter hoogte van de evenaar en kende dus de ideale omstandigheden voor de groei van koralen In de ruim 400 miljoen jaar die volgden verplaatste het Baltisch Schild zich langzaam in noordoostelijke richting. En op het noordelijk halfrond aangekomen werd het 150 000 jaar geleden bedekt door de reusachtige gletsjers uit de voorlaatste ijstijd die hun sporen ook in het noorden van Nederland achterlieten. Inclusief de tropische zwerfsteenkoralen, kleine vensters op het verre en indrukwekkende verleden van onze planeet Aarde. |
Laatste wijziging: 13-8-2000
Zwerfstenen, in het noorden van Noord-Holland vind je ze overal: op de akkers, in tuinen, in paadjes bij boerderijen, en zelfs op de waddenkust van Wieringen. Ook op de bodem van de Waddenzee en de aangrenzende Noordzee liggen uitgestrekte stenenvelden. 


